Rear Window (1954) is volgens gezaghebbende bronnen de beste film van Alfred Hitchcock, hoewel de regisseur er geen Oscar voor kreeg, alleen een paar nominaties. Ik heb hem diverse keren gezien, een paar dagen geleden voor het laatst – hij werd weer eens op tv vertoond. Een prachtfilm inderdaad, in diverse opzichten, al kon ik niet goed kiezen op welke gronden precies. Ooit moet ik hem spannend hebben gevonden: heeft-ie het gedaan of niet?, maar na de eerste keer weet je de afloop en telt dat niet meer mee. Dat geldt ook voor de special effects, met name het flitslicht waarmee de hoofdpersoon, fotograaf Jeff, moordenaar Lars Thorwald (vergeefs) probeert van zich af te houden.

James Stewart is een acteur die moeiteloos een film kan dragen – met Rear Window doet hij dat ook. Ondanks het feit dat hij de hele film aan een rolstoel gekluisterd zit, zijn (gebroken) linkerbeen in het gips, ongenadig hoge temperaturen moet ondergaan, lijden onder zweet, jeuk en verveling (overigens werd alles in de studio opgenomen). Toch vind ik hem niet helemaal vlekkeloos. Hij lijkt soms moeite te hebben zich zijn tekst eigen te maken, alsof hij in gedachten elders vertoeft, dat heb ik dikwijls stukken beter van hem gezien. Zijn vriendin Lisa Fremont wordt gespeeld door de adembenemend mooie Grace Kelly; ik heb de indruk dat zij beter in haar rol zat; aan het Koninklijk Huis van Monaco is een uitstekende actrice verloren gegaan. Thelma Ritter (in de rol van verpleegster Stella) speelt de sterren van de hemel, evenals Wendell Corey als enigszins cynische inspecteur van politie Doyle, tevens vriend van Jeff – ze hebben samen in de oorlog gezeten (Tweede Wereldoorlog? Korea?).

 

Méér nog dan de plot, ontleend aan een kort verhaal van Cornell Woolrich uit 1942 (It Had To Be Murder), ben ik gegrepen door de ‘inbedding’ – misschien moet je zeggen ‘context’. De film begint met het zweterige gezicht van Jeff, de hitte komt je eigen kamer binnen. Het raam van zijn studio – het ‘achterraam’ van de titel – staat open en de camera voert je mee langs de buren aan de overkant van de binnenplaats: een echtpaar dat op het balkon heeft geslapen, een danseres in ondergoed die meebeweegt met de ochtendgymnastiek op de radio terwijl ze zich – luchtig – aankleedt, een paar dames die op het platte dak in hun blootje gaan liggen zonnen (een helikopter met voyeurs is meteen ter plaatse), een componist/liedjesschrijver aan de piano, een handelsreiziger die ruzie maakt met zijn bedlegerige vrouw. Later zie je nog andere buren, er zit een kunstenares bij die abstracte beelden maakt en vooral veel tijd op haar ligstoel doorbrengt, kinderen die op straat achter een tankwagen met water aanrennen, een eenzame, wat oudere dame die smacht naar liefde. Het echtpaar met het balkon heeft een hondje dat ze uitlaten door het in een mand de tuin in te laten zakken. Na verloop van tijd takelen ze het hondje weer op. De camera laat zien dat Jeff fotograaf is, je ziet zijn toestellen en een reeks professionele foto’s, ook een stapel bladen waarin hij kennelijk publiceert.

 

Er wordt niets gezegd of uitgelegd, de camera doet het werk; binnen een minuut of tien is het je volkomen duidelijk in welke omgeving zich de gebeurtenissen afspelen. Je weet meteen waar het verhaal op afstevent, ook al moeten alle details nog worden ingevuld. Dat is zoals film hoort te zijn. De ‘morele lading’ komt pas als Stella arriveert om Jeff te masseren – ze maakt hem uit voor gluurder en constateert ‘We’ve become a race of peeping toms’. Ze wordt later in de film zelf ook een peeping tom als ze zich realiseert dat Jeff niet alleen maar naar mooie meiden zit te loeren. Wat algemeen en breed begint, spitst zich met de minuut verder toe, tegenstribbelend geeft iedereen zich uiteindelijk over aan wat Jeff meent te hebben gezien aan de overkant.

De clou zit ’m uiteindelijk in de trouwring: is Mevrouw Thorwald met vakantie gegaan? Lisa is ‘om’ zodra Jeff en zij ontdekken dat de trouwring in de flat is achtergebleven – een vrouw vertrekt niet met achterlating van haar ring, ondenkbaar! Ze moet dus vermoord zijn. Dat is mooi bedacht, maar zou het vandaag de dag nog werken? Kun je een trouwring herkennen? Vaak nog wel, maar net zo vaak ook niet – denk ik. Verschillende van mijn vriendinnen dragen ‘trouwringen’, maar zijn ongehuwd – de ringen zijn geloof ik bedoeld om vervelende gesprekken af te houden. Verschillende andere vriendinnen dragen geen ringen, maar zijn wel degelijk gehuwd – met een man, dus niet met een ring.

In Rear Window is het eindeloze gezeur over trouwen nauwelijks te verdragen en al die bakken vol oerconservatieve opvattingen slaan de film uit het lood. Een enkele opmerking over die trouwring zou hebben volstaan. Maar nee, zo gemakkelijk kom je er niet af. Lisa is een succesvolle zakenvrouw met een eigen modeblad, maar kan niet verder leven zonder met Jeff te huwen. Ze houdt van hem, zegt ze, God mag weten wat ze daarmee bedoelt. Jeff is een succesvolle fotograaf die de brandhaarden in de wereld opzoekt en ontberingen lijdt – hij heeft zijn ‘vrijheid’ nodig en kan dus niet trouwen. God mag weten wat hij daarmee bedoelt. Ik vrees: a man has to do what a man has to do – en een vrouw moet zwijgen, mooi zijn en trouwen; geen ondernemende mannen lastigvallen. Verpleegster Stella bemoeit zich ermee, zijn hoofdredacteur, zijn vriend de politieman – alsof er in het leven niets belangrijkers bestaat dan het huwelijk. Pas op het eind, als Lisa wat stoute staaltjes heeft uitgehaald en het huis van de moordenaar is binnengedrongen, krijgt ze voldoende credit. ‘Ik ben trots op je’, zucht Jeff en je weet: het huwelijksbootje komt er aan.

 

Het knappe van Rear Window is dat het leven aan de ‘overkant’ ondanks de toenemende spanning gewoon verder gaat – ieder van de buren heeft zijn eigen verhaal en Hitchcock vertelt die verhalen aan de hand van fragmenten en flitsen. De eenzame vrouw (‘Miss Lonelyhearts’) en haar riskante avontuurtjes, het pasgetrouwde stel dat ruzie krijgt, het hondje dat wordt gewurgd, de danseres (‘Miss Torso’) die groepjes aanbidders op visite krijgt, de componist die aldoor maar zijn lied niet kan voltooien. De relatie tussen Jeff en Lisa had je ook op die manier kunnen laten zien: flitsend, inderdaad. Dan zou Rear Window de tand des tijds beter hebben weten te doorstaan. Nu zwoegt de film veel te zwaar onder een deken van reactionaire kletspraat.