Een van de geliefdste genres van de filmindustrie in Hollywood is ongetwijfeld het courtroom drama, in alle denkbare variaties en met alle figuranten er omheen: advocaten, rechters, aanklagers, criminelen, politiemensen. Op tv-kanalen als Filmnet, Netflix en dergelijke kun je er te kust en te keur van genieten. Ook rechtszaken zelf, de spanningen, de strijd tussen aanklager en advocaat, de rol van de rechter, de positie van de aangeklaagde. Het courtroom drama is ook een subgenre binnen andere genres. Zoals Westerns, waar de courtroom vrijwel alomtegenwoordig is, om over romantische films maar te zwijgen met hun talrijke echtscheidingsaffaires en voogdijprocessen. Nog afgezien van de inhoud is de rechtbank uiteraard een bijna ideale omgeving voor het theater: eenheid van tijd en plaats, een overzichtelijk aantal personages, een duidelijke plot. Zelfs een publiek dat verder niets begrijpt van het Amerikaanse juridische systeem, de juryrechtspraak bij voorbeeld, kan gemakkelijk gegrepen worden door de dynamiek die een rechtszaak oproept. Je hebt ‘goeden’, ‘kwaden’, ‘scheidsrechters’, winst of verlies en een overdaad aan dubbelzinnigheden die voor verdieping zorgen. Ik weet niet of het courtroom drama als zodanig ooit analytisch in kaart is gebracht (het kan bijna niet anders), maar het zou een smakelijke, vette kluif zijn voor een omvangrijk multidisciplinair team van onderzoekers.

Zelf heb ik goede herinneringen aan een paar van dat soort films. De klassieke Western van John Ford uit 1962 bij voorbeeld, met John Wayne, James Stewart en Lee Marvin: The Man Who Shot Liberty Valance. In mijn jonge jaren heb ik dat jarenlang zo’n beetje de beste film aller tijden gevonden. Ik durf hem niet meer te zien, hij zal vast zwaar tegenvallen. Of To Kill A Mockingbird uit hetzelfde jaar, van regisseur Robert Mulligan, met een imponerende (vond ik toen) Gregory Peck in de rol van Atticus Finch, een progressieve advocaat in het Diepe Zuiden van de Verenigde Staten. Van iets eerder dateert de met Oscars overladen film van Otto Preminger: Anatomy Of A Murder, een rechtszaak over een geval van moord: een vrouw wordt verkracht, haar man schiet de verkrachter overhoop. Ik heb hem diverse keren gezien, vooral ook vanwege het (korte) optreden van Duke Ellington in de film, die ook voor de aanstekelijke filmmuziek verantwoordelijk was. De Duke wordt Pie-Eye genoemd in de film en hij speelt een duetje met James Stewart, de advocaat uit het drama, die niet alleen dol is op vissen, maar zich ook laaft aan rooty-tooty jazz, zoals zijn oudere compagnon het noemt. Een ander meesterwerk is 12 Angry Men uit ongeveer dezelfde tijd (1957), geregisseerd door Sidney Lumet, met Henry Fonda in de hoofdrol, naast een keur van briljante acteurs als Lee J. Cobb, Ed Begley, E.G. Marshall, Jack Warden, Martin Balsam.

 


Juryberaad.

Ondanks alle spanning en vermaak zijn veel courtroom drama’s uitgesproken ideologischvan aard: het Amerikaanse juridische systeem wordt afgebeeld als principieel rechtvaardig, democratisch, moreel superieur. In Anatomy Of A Murder is James Stewart als advocaat Paul Biegler de verpersoonlijking van die waarden. Een vrijgezel die meer met vissen en muziek bezig is dan met zijn praktijk als attorney. Hij is onaantastbaar, belangeloos, hoeft niets te bewijzen. Zijn assistente Maida zorgt dat de zaak draaiende blijft. Als hij de onderhavige zaak aanneemt, vraagt hij haar al zijn afspraken voor die dag af te zeggen. Appointments? What appointments?, vraagt ze en ze dringt er op aan ook een honorarium te vragen. I can’t pay me my own salary. Bovendien heeft ze een nieuwe schrijfmachine nodig, de p en de f werken niet meer. ’s Avonds komt zijn oude vriend MacCarthy langs om wat borrels te drinken en te praten over ingewikkelde juridische kwesties. Beide mannen weten door slimmigheden de openbare aanklager (schitterend vilein gespeeld door George C. Scott) te verslaan, wat door Preminger wordt gepresenteerd als de overwinning van een eenvoudige plattelandsadvocaat op een sluwe stadsadvocaat. De zaak leek een eitje voor de aanklagers, er waren getuigen bij de moord, de verdachte gaf alles toe, maar toch zegevierde de gerechtigheid: de moordenaar was ontoerekeningsvatbaar als gevolg van de aanslag op zijn echtgenote (gespeeld door Lee Remick—op een manier die de #MeToo-beweging tot razernij zou brengen). Als het gezelschap zit te wachten op de uitspraak van de jury, verzucht MacCarthy: Twelve people go off into a room; twelve different minds; twelve different hearts; twelve different walks of life; twelve sets of eyes, ears, shapes and sizes; these twelve people are asked to judge another human being, as different from them as they are from each other; in their judgement they must become of one mind, unanimous; it’s one of the miracles of man’s disorganised soul that they can do it; in most cases, do it right well… God bless juries. Maida hoort het aan en mompelt: I don’t know what I’d do when I was on that jury.

12 Angry Man is een perfecte illustratie: ook hier een geval van moord waarover in feite geen twijfel bestaat. De twaalf juryleden trekken zich na de rechtszaak terug voor beraad en het ziet er naar uit dat er bij handopsteking gestemd kan worden en dat de zaak binnen vijf minuten beklonken is. Maar één jurylid stemt not guilty en dus moet er toch gepraat worden. De vraag is of er nóg iemand is met reasonable doubt. De ‘moordenaar’ is een jonge jongen die zijn vader met messteken om het leven zou hebben gebracht. Diverse getuigen zouden ruzie hebben gehoord en de moord zelfs hebben zien gebeuren. De ‘twijfelaar’ (Henry Fonda) toont met simpele middelen aan dat we misschien niet op de getuigen mogen afgaan. Langzaam maar zeker weet hij ook anderen over te halen tot het oordeel not guilty, steeds houden de juryleden stemming en iedere keer verandert de verhouding. Op het laatst is er nog één, woedende, tegenstander over, maar die gaat uiteindelijk ook overstag. De twaalf mannen gaan na afloop ieder huns weegs en je hebt precies gezien wat MacCarthy in Anatomy Of A Murder uitsprak: twaalf verschillende geesten, levensstijlen, achtergronden, motivaties en inderdaad, een wonder dat al die twaalf verschillende mensen op één lijn komen.

 


Paul Biegler in actie met vrouw van beklaagde.

Voor de Founding Fathers van de Verenigde Staten was de juryrechtspraak niet alleen een middel om de waarheid te achterhalen en eerlijkheid te waarborgen, maar ook een wapen tegen wanbestuur van de overheid. Zoals Thomas Jefferson zei: I consider trial by jury as the only anchor ever yet imagined by man, by which a government can be held to the principles of its consitution. De grondwet garandeert dat een beklaagde bijgestaan wordt door een advocaat die de aanklager tegen kan spreken en verhoren en die eigen bewijsmateriaal kan presenteren. Hij kan alleen worden veroordeeld als een onpartijdige jury van zijn gelijken unaniem van zijn schuld is overuigd, zonder enige redelijke twijfel. Dat oordeel moet in het openbaar worden uitgesproken. De rechtszaak dient dus een strijd te zijn die in het openbaar wordt uitgevochten in aanwezigheid van een rechter en een jury. De zaken in Anatomy en 12 Angry Men — en in ontelbare andere films en tv-series — voldoen daar perfect aan.

Maar de dagelijkse praktijk van de Amerikaanse rechtspraak is mijlenver afgedreven van deze mooie idealen. Ik las bij Jed Rakoff, zelf rechter in New York City, over de vrijwel volstrekte onbetrouwbaarheid van ooggetuigen in misdaadzaken, wat trouwens ook in 12 Angry Men al gesuggereerd wordt (NYR of Books, 20 november 2014; 18 april 2019). Harde cijfers zijn praktisch niet te krijgen, maar hij schat dat in meer dan zeventig procent van de gevallen waarbij gebruik wordt gemaakt van ooggetuigen, bij voorbeeld bij de identificatie van misdadigers, fundamentele fouten worden gemaakt. Vaak met ernstige gevolgen: mensen die vele jaren lang volmaakt onschuldig in de cel zitten. Maar de ontluistering van het mooie ideaal gaat veel verder. Rechtszaken zijn vrijwel totaal overgenomen door het systeem van schikkingen (plea bargaining): meer dan 95% van alle federale criminele aanklachten werden de laatste jaren vervallen verklaard omdat de aanklager en de verdachte (plus advocaat) tot een schikking waren gekomen. Het model is simpel: de beklaagde bekent, de aanklager regelt een strafvermindering. In ontelbare gevallen bekennen beklaagden schuldig te zijn aan misdrijven die ze absoluut niet hebben gepleegd. Het systeem werkt zo efficiënt dat er nog maar een fractie van alle gepleegde misdaden in een rechtszaak afgehandeld wordt. De rest, het overgrote deel, vindt plaats achter gesloten deuren, buiten de openbaarheid, in de vorm van handjeklap.

Liberty Valance, 12 Angry Men, Anatomy of a Murder, To Kill a Mockingbird: prachtige, klassieke films, met prijzen overladen. Onvergetelijk, maar in toenemende mate getuigen uit een tijdperk dat al lang niet meer bestaat.

 

illustraties
Henry Fonda in 12 Angry Men; bron: screenprism.com
Juryberaad in 12 Angry Men; bron: rogerebert.com
James Stewart en Lee Remick in Anatomy of a Murder; bron: oscarchamps.com