In sommige Nederlandse kranten stond afgelopen week een klein berichtje over de uitspraak in een proces dat in de Indiase deelstaat Gujarat werd gevoerd tegen enkele tientallen verdachten vanwege de schokkende aanslag die zij zouden hebben gepleegd op de Gulberg-kolonie in Ahmedabad, 2002. NRC Handelsblad meldde op 3 juni 2016 iets over de achtergrond: Bij de rellen tussen hindoes en moslims in de stad Ahmedabad werden 69 vooral islamitische inwoners vermoord, onder wie een oud-parlementslid, toen boze hindoes het Gulberg-wooncomplex in de stad bestormden en bewoners doodden. Wie niet goed leest, zou kunnen denken dat de rellen in Ahmedabad dus alleen bestonden uit de bestorming van de Gulberg-kolonie en dat er 69 doden te betreuren waren. Was het maar waar.

De ‘rellen’ vonden eind februari 2002 plaats, niet alleen in de genoemde stad, maar in heel Gujarat en het aantal doden bedroeg niet 69 maar minimaal zo’n duizend. Tenminste, volgens de officiële cijfers, in werkelijkheid hoogstwaarschijnlijk veel meer—om over de gewonden en de immense materiële schade maar te zwijgen. Een gruwelijke slachtpartij die vele dagen duurde en waarvan de gevolgen nog iedere dag zichtbaar zijn. De rechtszaak tegen de verdachten in de Gulberg-zaak is een topje van de ijsberg.

Een schakel in de keten van geweld tussen hindoefanaten en moslims die het politieke bestaan van India al vele jaren teistert. In 1992/’93 werd het land lamgelegd door de uitbarstingen van bloeddorst naar aanleiding van de vernieling van de Babri Masjid in de plaats Ayodhya—een poging van hindoefundamentalisten om de geschiedenis ‘recht te zetten’. De Moghulkeizer Babar zou in het kader van de islamisering een moskee hebben laten neerzetten bovenop een hindoetempel die was gewijd aan de god Ram. Tussen deze god en de stad Ayodhya bestaat een intieme band. Onder invloed van de BJP, de hindoefundamentalistische politieke partij die destijds in opkomst was en momenteel het land regeert onder premier Narendra Modi, werd de moskee tot de grond toe afgebroken—op die plek zou een nieuwe Ram-tempel moeten verrijzen.

De climax van de resulterende religieuze burgeroorlog vond destijds plaats in Mumbai, ik heb er op deze plaats al eerder over geschreven. Het ‘vervolg’ in 2002 ontstond toen een trein vol BJP-vrijwilligers terugkeerde uit Ayodhya, ze hadden aan de fundamenten gewerkt voor de beoogde Ram-tempel, en enige tijd stilhield op het station Godhra in Gujarat. Tijdens het oponthoud werden de wagons met BJP-aanhangers volgens getuigen van buitenaf op slot gedaan terwijl er brandbommen naar binnen werden gegooid. Er vielen tientallen doden.

Binnen de kortste keren was heel Gujarat in rep en roer. Zonder enig bewijs of onderzoek werd ‘vastgesteld’ dat de aanslag op de trein het werk van moslims moest zijn geweest–militante hindoes begonnen massale moordpartijen, waarbij moslimwijken in brand werden gestoken, winkels en bedrijven geplunderd. Verslaggevers spraken vol afgrijzen over de killing fields. De overheid, met Narendra Modi als premier van de deelstaat, keek toe. Dat wil zeggen: in het beste geval—soms werden de relschoppers en moordenaars door de politie aangemoedigd en geholpen. Modi stelde zich ‘neutraal’ op, hij sprak: wie kaatst moet de bal verwachten, of woorden van gelijke strekking. Vanwege zijn rol bij de slachtpartij is hij jarenlang persona non grata geweest in de Verenigde Staten. Als premier van heel India is hij uiteraard weer de beste vriendjes met dat land.

De veroordeling van de 24 verdachten, waarvan 11 wegens moord, heeft tot felle protesten geleid. Niet alleen vanwege de vrijspraak van 36 andere verdachten (sommige verdachten zijn tussen 2002 en 2016 overleden), maar vooral ook omdat nu alleen de footsoldiers zijn veroordeeld, terwijl de masterminds buiten schot blijven. Zo gaat het altijd in India. Ook het oordeel dat er niet van ‘samenzwering’ sprake was, leidt tot verontwaardiging: iedereen heeft kunnen zien dat er sprake was van gecoördineerde en georganiseerde acties, de gebeurtenissen werden destijds voor een groot deel op tv-beelden vastgelegd. Ik was toen in Mumbai en kreeg van diverse vrienden in Ahmedabad ooggetuige verslagen met die strekking door de telefoon.

De aanval op de Gulberg Society in het centrum van Ahmedabad heeft speciale aandacht getrokken. De bekendste bewoner van de kolonie was oud-parlementslid voor de Congress Party Ahsan Jafri. De politie verklaarde dat de aanval juist door hem werd geprovoceerd omdat hij op de samengestroomde menigte zou hebben geschoten. Maar de werkelijkheid was totaal anders. Jafri had niet eens een vuurwapen. Toen zich op de ochtend na de dag van Godhra volk begon te verzamelen bij het hek van de compound, is hij juist op zoek gegaan naar een hoge politiefunctionaris met de dringende vraag om bewaking. De commissaris is poolshoogte komen nemen en beloofde dat hij onmiddellijk politieversterking zou laten aanrukken.

Dat is nooit gebeurd, de commissaris heeft de toestand gelaten en is naar andere brandhaarden vertrokken. De menigte is in de loop van de dag sterk gegroeid en de sfeer werd dreigender dan ooit. Jafri is nog eens naar het hek gelopen in de hoop dat hij zijn gezag kon aanwenden om het volk te verspreiden. Maar ooggetuigen hebben gezien dat de zeventigjarige oud-politicus werd uitgekleed en naakt moest paraderen voor joelende, scheldende toeschouwers. Als moslim werd hij gedwongen Jai Shri Ram te roepen: leve god Ram. Toen hij dat weigerde, werden zijn vingers afgehakt en moest hij zwaargewond rondjes blijven lopen. Daarna werden zijn handen en voeten afgehakt en werd hij bloedend aan een soort drietand over de grond gesleept en in een vuur gesmeten. Hij verbrandde levend. ’s Middags om drie uur was de hele kolonie in de as gelegd, vrijwel alle bewoners morsdood.

De weduwe van Jafri, Zakia, overweegt in hoger beroep te gaan: het is voor haar ongelooflijk dat de rechter blijkbaar gemeend heeft dat die vreselijke slachtingen het werk konden zijn geweest van 24 mensen. Mocht zo’n beroep er ooit komen, dan zal ze de uitkomst waarschijnlijk niet meer beleven—de rechtszaak die net achter de rug is, heeft maar liefst veertien jaar geduurd. De juridische molens in India malen trager dan stroop, als ze al werken. Teveel masterminds hebben belangen bij een diepe doofpot en de regering van Modi zal ze bepaald niet in de steek laten.

 

illustraties:
Ahsan en Zakia Jafri; bron: www.scoopwhoop.com
De foto’s van de aanslagen op Gulberg Society zijn afkomstig van Indian Express: indianexpress.com