Als je bij Ali Smith’s Autumn niet meteen aan John Keats zou denken, dan helpt de auteur je daar wel een handje bij. Op de eerste pagina’s van het boek komt de dichter voorbij. Poor old John Keats, lezen we, well, poor all right, though you couldn’t exactly call him old. To Autumn is een van de laatste gedichten die hij schreef. Hij stierf in Rome, op zijn 26ste, geteisterd door geldzorgen. Zijn gedicht gaat over de vergankelijkheid van de natuur, maar ook van het leven zelf: de oogst is binnen, appels worden tot cider geperst, de landman is doodop, zijn werk zit erop. De herfst is het jaargetijde van de mist en het rijpe fruit, of, in de overbekende woorden van Keats: season of mists and mellow fruitfulness. Ali Smith geldt als een experimenteel schrijfster. Daar wordt, denk ik, mee bedoeld: haar boeken zijn niet recht-toe-recht-aan gecomponeerd. Autumn is het verhaal van de vriendschap tussen Daniel en Elisabeth, maar ook van de ‘tijdgeest’ als je dat zo mag noemen, het Brexit-tijdperk, de mannenmaatschappij, leugens en verraad in de politiek, kunst en literatuur.

De hoofdpersoon uit Autumn, Daniel Gluck, is dood en kijkt vanuit het dodenrijk, waar hij is aangespoeld uit zee, terug op zijn leven. Anders dan Keats heeft hij een lang leven achter de rug, hij is ruim honderd jaar geworden. De laatste weken raakt hij in coma in het verpleeghuis waar hij opgenomen is. Zijn jonge vriendin Elisabeth komt hem trouw voorlezen. Uit A Tale of Two Cities. Ze is de enige die ervan overtuigd is dat Daniel haar nog kan horen. Daniel is een jaar of zeventig ouder dan Elisabeth. Ze ontmoeten elkaar als Elisabeth nog een klein meisje is en ze kunnen het goed met elkaar vinden. Ze wandelen en kletsen. Hij is haar buurman, een ‘ouwe nicht’ volgens de moeder van Elisabeth die vol wantrouwen zit over de bedoelingen van Daniel.

Hij is vijfentachtig, zei haar moeder. Hoe kan een vijfentachtigjarige man je vriend zijn? Waarom heb je geen normale vrienden zoals normale dertienjarigen?
Wat versta je onder normaal, zei Elisabeth (…).
Waar heb je geleerd om zo te praten? zei haar moeder. Doe je dat tijdens jullie wandelingen?
We wandelen alleen maar, zei Elisabeth. We praten alleen maar.
Waarover? zei haar moeder.
Niets, zei Elisabeth.
Over mij? zei haar moeder.
Nee! zei Elisabeth.
Waarover dan? zei haar moeder.
Over dingen, zei Elisabeth.
Wat voor dingen? zei haar moeder.
Dingen, zei Elisabeth. Hij vertelt me over boeken en dingen.
Boeken, zei haar moeder.
Boeken. Liedjes. Dichters, zei Elisabeth. Hij kent Keats. Season of mists (…).

Daniel brengt haar algemene ontwikkeling bij, stimuleert haar fantasie en vraagt iedere keer dat ze elkaar treffen wat ze gelezen heeft. Zijn huis hangt vol met arty art, door hem wil ze gaan studeren al weet ze niet meteen wat.

Wat wil je studeren, vraagt hij: menswetenschappen, rechten, toerisme, zoölogie, politicologie, geschiedenis, kunst, wiskunde, filosofie, muziek, moderne talen, oude talen, techniek, architectuur, economie, medicijnen, psychologie?
Alles tegelijk, zei Elisabeth.
Daarom moet je naar collage, zei Daniel.
U gebruikt het verkeerde woord, Meneer Gluck, zei Elisabeth.
Daar ben ik het niet mee eens, zei Daniel. Collage is een onderwijsinstituut waar alle regels in de lucht worden gegooid en waar omvang en ruimte en tijd en voorgrond en achtergrond allemaal betrekkelijk zijn en waar als gevolg van die kennis alles wat je denkt te weten in iets nieuws en vreemds verandert.

Collage is misschien ook de beste aanduiding voor het ‘experiment’ van Smith. Ze heeft flarden van de vriendschap tussen Daniel en Elisabeth, van de relatie tussen Elisabeth en haar moeder, van de maatschappelijke context in de lucht gegooid en op onverwachte plekken in het geheel gepast. Niet alleen als flashbacks, maar ook als foreward flashes, close-ups, long shots. Het collage-effect is meer dan alleen een vormkwestie, het heeft eveneens direct verband met de inhoud. Autumn gaat over de fictieve relaties tussen Elisabeth en Daniel, maar ook over het echte leven en werk van de jong gestorven kunstenares Pauline Boty, bekend om haar collages. Daniel zou haar nog gekend hebben, toen ze in bepaalde kringen bekend stond als de Wimbledon Bardot, vanwege haar treffende gelijkenis met Brigitte Bardot. Ze trad op in films, kleine rolletjes, en op tv. In de vroege jaren zestig was ze het gezicht van de Britse pop-art scene, maar na haar overlijden—ze stierf aan kanker en is niet veel ouder geworden dan John Keats—werd ze vergeten en viel ze uit de kunstgeschiedenis. Elisabeth zal na haar studie beginnen aan een proefschrift over Boty: een onverbrekelijke band met Daniel die haar tijdens hun wandelingen tot in detail vertrouwd heeft gemaakt met het werk van de kunstenares. Fictie en werkelijkheid vermengd. Boty maakte onder andere portretten van Jean Paul Belmondo, Christine Keeler, Marilyn Monroe. Smith brengt het karakter van Boty’s werk feilloos tot leven.

 


Het is een mannenwereld

It was Marilyn. It was coloured circles, lovely, lovely, and everything was exciting, TV was exciting, radio was exciting, London was exciting, full of exciting people from all over the world, and theatre was exciting, cigarette packets were exciting, milk bottle tops were exciting (….).

Het seizoen van de mist is ook de tijd van Brexit. Over Autumn hangt een onheilspellende sfeer, Smith laat zien dat Engeland lijdt onder vreemdelingenhaat (GO HOME) en roept tussen de regels door op tot emigratie naar haar geboorteland Schotland. Het is zonneklaar waarom Elisabeth haar oude vriend voorleest uit Brave New World en uit Dickens. In het eerste hoofdstuk van A Tale of Two Cities wordt een tijdgeest beschreven die direct van toepassing lijkt te zijn op de maatschappelijke constellatie die Smith schetst: It was the best of times, it was the worst of times, it was the age of wisdom, it was the age of foolishness, it was the epoch of belief, it was the epoch of incredulity, it was the season of Light, it was the season of Darkness, it was the spring of hope, it was the winter of despair, we had everything before us, we had nothing before us, we were all going direct to Heaven, we were all going directly the other way…

Brexit.

Maar Smith verliest zich niet in zwartgallige beschouwingen, haar wapen is de ironie. Dat drukt de angel er alleen nog maar dieper in. De Britse klachten over de Brusselse bureaucratie worden potsierlijk na de beschrijving van Elisabeth’s herhaalde pogingen om haar paspoort te verlengen. Een wachttijd van uren, afgeblaft door onwillige ambtenaren achter het loket.

Kafka.

Is uw achternaam werkelijk Demand? vraagt hij.
Hmm, zegt Elisabeth. Ik bedoel ja.
U doet uw naam eer aan, zegt hij. Zoals we al hebben kunnen vaststellen.
Hmm, zegt Elisabeth.
Grapje, zegt de man.
En bent u er zeker van dat uw voornaam juist gespeld is? zegt hij.
Ja, zegt Elisabeth.
Dat is anders niet de normale spelling, zegt de man. De normale spelling is met een z. Voor zover ik weet.
Mijn naam is met een s, zegt Elisabeth.
Sjiek, zegt de man.
Ik heet zo, zegt Elisabeth.
Vreemdelingen spellen het op die manier, toch? zegt de man.
Hij bladert door het verlopen paspoort.
Maar hier staat dat u de Engelse nationaliteit heeft, zegt hij.
Dat klopt, zegt Elisabeth.

Hoe experimenteel Ali Smith ook mag zijn, haar werk laat niets te raden over.

 

illustraties:
Ali Smith; bron: fotograaf Antonio Olmos (The Observer)
It’s a man’s world; bron: imagebreakdown.wordpress.com