In Filter (22ste jrg, nr. 1) staat een bespreking van twee vertalingen van Kokoro, honderd jaar gelden geschreven door de Japanse auteur Natsume Sôseki. Curieus fenomeen – een eeuw lang niets en dan opeens twee vertalingen, vlak na elkaar. En die elkaar ook nog, volgens recensent Ivo Smits, ‘in grote lijnen niet heel veel ontlopen’. De ene vertaler is iets ‘vlotter’ dan de andere, maar ‘ze zitten elkaar dicht op de huid’. Wat in ieder geval verschilt is de titel: Kokoro. De wegen van het hart tegenover kortweg: Het hart.

Smits noemt de titel ‘struikelblok nummer een’ voor de vertaler. Kokoro betekent ‘hart’, maar nooit altijd helemaal. Tot op de dag van vandaag is het in Japan onduidelijk wat de precieze schrijfwijze moet zijn, ook vertalers van buiten Nederland hebben ermee geworsteld en de oplossing is veelal dat voor de transcriptie is gekozen. Een van de Nederlandse vertalers, Luk van Haute, lichtte zijn keuze voor kokoro als volgt toe (ik citeer nog steeds de recensie van Ivo Smits): het woord dekt niet helemaal de lading van het Nederlandse ‘hart’. Afhankelijk van de context is de betekenis eerder ‘geest’ of ‘ziel’ of ‘innerlijk’. Ook in het Nederlands geldt dit overigens, maar de Japanse betekenis is nóg ruimer terwijl het woord voor het orgaan niet kokoro is, maar shinzo.

Ik spitste mijn oren, want ook in het Hindi heb je zo’n onderscheid: dil (दिल) of man (मन) voor de ruimere betekenis en hrit (हृत), hrid  (हृद ) of hriday (हृदय) als het specifiek om het fysieke orgaan gaat – hoewel de verschillen eerder gradueel dan principieel zijn. Je kunt hriday (हृदय) zeggen als er iets met je hart niet in orde is en je naar het ziekenhuis dient af te reizen, maar je kunt in zo’n geval toch ook op je dil  (दिल) wijzen – de ambulancebroeder zal zich niet vergissen. dil (दिल) en man (मन) zijn vrijwel synoniem en kunnen inderdaad ‘hart’ betekenen, maar in vele gevallen, net als sokoro, in een ruime betekenis:

– stemming; gemoed
– ziel
– geest
– intelligentie
– innerlijk
– wil
– gevoelens; emoties
– binnenste; intiemste kern
In combinatie met andere zelfstandige naamwoorden en werkwoorden kun je met die woorden een bijna oneindige reeks van gemoedstoestanden uitdrukken: verliefdheid, jaloezie, doorzettingsvermogen, vijandelijkheid, haat, verdriet, vrijgevendheid, ambitie, trots, aanmoediging, troost, charme, enthousiasme, vervreemding, aantrekkelijkheid, afstandelijkheid, moed, dapperheid, bevrediging, gevoeligheid, rouw. Om maar een greep te doen.

In werkwoorden en uitdrukkingen staat het hart voor liefde (‘de weg van het hart leidt naar het hart’) of begeerte (‘begeerte leidt tot armoede’), soms overschatting (‘het hart is groter dan de hand’). man-hii-man (मन-ही-मन): iets voor je houden, in je hart bewaren; man lenaa (मन लेना): een hart ‘nemen’ – iemand met je charme betoveren; man denaa (मन देना) : je hart ‘geven’ – iemand je hart schenken.

Zou zo’n ruime betekenis iets typisch voor Aziatische talen zijn? Hmm, ik denk het niet.

Het Nederlandse hart volgt de Hindi-betekenissen (en ik neem aan: Japanse betekenissen) op de voet. In mijn Van Dale wordt het hart als orgaan genoemd, als plek (‘een kind onder het hart dragen’), maar ook als zetel van gevoelens. Het hart als ‘innerlijk’ en het hart als ‘bewaarplaats’ voor alles wat er in een mens omgaat en van zijn of haar eigenschappen, als centrum van warme gevoelens… of juist ijskoude gevoelens, van moed, van goede zeden. Het hart is soms ook ‘persoon’. En, natuurlijk, het ‘binnenste’ van iets: het stadshart, bij voorbeeld.

Ik besef dat de titel Het hart geen scherpe aanwijzing bevat over de inhoud of strekking van een boek, maar of Kokoro iets oplost is maar de vraag. Het ‘hart’ is waarschijnlijk over de hele wereld een ruim begrip, waarmee van alles en nog wat kan worden aangeduid. Aan die onbestemdheid en dubbelzinnigheid valt niet te tornen en dat is maar goed ook.

 

illustraties harten:
hartendief.co.za en mensengezondheid.nl