Personalia2018-09-30T15:15:09+00:00
Foto Lodewijk Brunt

 

Adres
Kloveniersburgwal 103
1011 KB Amsterdam

Telefoon
020 627 63 54

E-mail
l.brunt@upcmail.nl

Personalia

Ik heb mijn werkzame leven doorgebracht aan universiteiten. Aan de Universiteit van Amsterdam studeerde ik af bij de roemruchte PSF en promoveerde ik in 1974. Mijn proefschrift ging over ‘allochtonen’ in de Alblasserwaard: Stedeling op het platteland (uitgeverij Boom). Tussen begin jaren 1970 en eind jaren 1980 werkte ik aan de Rijksuniversiteit te Utrecht en vanaf 1988 als hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam — inmiddels ben ik met emeritaat.
Deze website is meer dan zomaar een visitekaartje. Ik ben op diverse terreinen actief en breng dat graag naar buiten. Naast mijn werk als universitair onderzoeker en docent heb ik ook altijd andere activiteiten ondernomen; daarmee ben ik na mijn emeritaat gewoon doorgegaan.

Jarenlang heb ik maandelijkse reportages gemaakt voor Building Business, een blad voor architectuur en de vastgoedsector dat inmiddels (helaas) ter ziele is; ik schreef onder andere over Vinexwijken en de veranderingen in (Nederlandse) binnensteden. Ook maakte ik, samen met journalist Kees Tamboer, Amsterdamse reportages voor Het Parool en voor beide bladen heb ik eigen foto’s kunnen gebruiken als illustratiemateriaal. Bij elkaar heb ik duizenden foto’s geschoten van Nederland in verandering en de fotografie is een onlosmakelijk onderdeel van mijn bestaan geworden. Een boek dat uitbundig is geïllustreerd met mijn foto’s is Prinsengracht, in 2010 uitgebracht door Boom; geschreven samen met Kees Tamboer. Het boek werd opgemaakt door René van der Vooren (www.renevandervooren.nl), die ook deze website heeft ontworpen en die letterlijk en figuurlijk als ‘webmaster’ fungeert door zijn technische ondersteuning en adviezen. De foto op deze pagina is gemaakt door Herman Wouters (www.hermanwouters.nl).

Vroeg tijdens mijn studie kreeg ik belangstelling voor India, hoewel ik het land pas begin jaren 1990 voor het eerst bezocht — dit naar aanleiding van de pestepidemie in Surat (deelstaat Gujarat) in 1994. Ik had net studie gemaakt van de verschillende cholera-epidemieën in het negentiende eeuwse Amsterdam en was benieuwd naar de overeenkomsten en verschillen. Ik ben sindsdien (tot voor kort) jaarlijks teruggeweest. Bombay- of zoals de stad tegenwoordig heet: Mumbai – ken ik het beste, ik heb er geruime tijd gewoond en heb over deze mega stad het een en ander geschreven, bij voorbeeld Een maniakale stad, uitgegeven bij Boom in 2002.

In het kader van mijn Indiase interesse heb ik de officiële voertaal van India geleerd — het Hindi, gesproken door zo’n 400 tot 500 miljoen mensen — en daardoor kon ik de afgelopen jaren, samen met dr Dick Plukker van het Amsterdamse India Instituut, diverse teksten uit het Hindi vertalen: moderne poëzie over de stad (Ik zag de stad), liedjes uit Bollywoodfilms (Mijn lippen vroegen om een lied) en, eind 2013, een serie zeer korte verhalen (De bittere waarheid). De boekjes zijn via (de website van) het India Instituut te verkrijgen. Het volgende project was een roman: Shaalbhanjika van de schrijfster Manisha Kulshreshtha. Inmiddels verschenen als Muze. De vertaling van een bundel korte verhalen door Anu Singh Choudhary (voorlopige titel De blauwe sjaal) staat op stapel. Dat levert problemen op die aan veel  vertalers welbekend zijn, maar die soms ook een wat exotischer aard hebben — ik doe er op deze website zo nu en dan verslag van. Tussen maart 2015 en juli 2018 werkte ik geregeld mee aan het webtijdschrift Literair Nederland (‘Liefde voor literatuur’) met recensies, beschouwingen en wat zoal in het kader past (www.literairnederland.nl). Af en toe schrijf ik een langere bijdrage voor De Republikein en al jarenlang verzorg ik (soms met grote tussenpozen) recensies voor de website van Athenaeum Boekhandel, Amsterdam.

Tussendoor probeer ik veel te lezen, vooral romans en gedichten, en reis ik naar steden. Van dit alles zou deze website getuige moeten zijn, want op de een of andere manier hangt het allemaal met elkaar samen…  dat geldt in ieder geval voor mij persoonlijk.