Dezer dagen zag ik op de BBC diverse uitzendingen van de rubriek Imagine. Onvolprezen. Maker Alan Yentob portretteert mensen uit de sfeer van cultuur en wetenschap, zijn programma’s krijgen de tijd en de ruimte. Het zijn doorgaans persoonlijke documentaires, als dat geen contradictio in terminus is, waarbij Yentob samen met de geportretteerde interessante, intrigerende thema’s aan de orde stelt. Er waren afgelopen week drie uitzendingen kort op elkaar; de reden was het overlijden van Amos Oz en van Diana Athill. De eerder gemaakte uitzendingen aan hen gewijd, werden bij wijze van herdenking opnieuw uitgezonden. Nieuw was die over comédienne, actrice en tv-presentatrice Jo Brand.

 


De vader van Imagine

Tegenwoordig lijkt er aan vrouwelijke stand up-comédiennes geen gebrek in het Verenigd Koninkrijk, als je tenminste af mag gaan op tv-programma’s als Live From the Apollo, die net zo goed door mannen als vrouwen worden gepresenteerd en bevolkt. Jo Brand was een pionier, toen zij begon was ze vrijwel de enige vrouw in het circuit. Ze herinnert zich niet meer hoe haar allereerste optreden was, ze had zich zoveel moed ingedronken dat ze teut op het podium stond. Ze weet alleen nog, zei ze tegen Yentob, dat ze krachtig werd uitgefloten. Tegenwoordig staat ze schijnbaar onbewogen voor zalen met duizenden toehoorders. Ze maakt grappen over haar omvang, die inderdaad niet onaanzienlijk is. Van de pil werd ze dik, kan ik me uit een van haar voordrachten herinneren: ze kreeg geen man meer. Een beter voorbehoedsmiddel was er niet.

 


Jo Brand aan de pil

Ze had een moeilijke jeugd, volgens haar bijna een noodzakelijke voorwaarde voor een succesvolle loopbaan als stand up-comedian. Haar vader was vrijwel permanent depressief en deed er niets aan. Hij was niet opgewassen tegen Jo’s opstandigheid tijdens de puberteit. Ze was stiekem naar de film gegaan (Last Tango in Paris) met een paar vriendjes. Tegen haar ouders had ze gezegd dat ze huiswerk ging maken bij een vriendin. Tijdens haar afwezigheid belde die vriendin het ouderlijk huis. Zo kwam de leugen uit. Na afloop van de film stonden vader en moeder haar op te wachten. Haar vader was zo kwaad dat hij de hele buurt bij elkaar schreeuwde en uit woede pakte hij al haar kleren bij elkaar, overgoot de stapel met petroleum en stak de hele boel achter in de tuin in de fik. Nu zou ze nooit meer naar buiten kunnen. Haar moeder heeft de zaak nog een beetje weten te sussen, maar ze is op haar zestiende op kamers gaan wonen, een Bed & Breakfast-adres in Hastings, aan de zee, ten zuiden van Londen, globaal gezien tussen Brighton en Dover.

Ze loopt met Yentob door Hastings en laat hem zien wat haar adres was. Ze heeft de beste herinneringen aan die tijd: ze ging niet meer naar school en vertoefde in unsavoury company. ’s Zomers was Hastings vol met studenten uit Londen en bloeide het nachtleven. Een leven van drinking, smoking, flirting and snogging on the beach at night. Langs de strandboulevard doen Brand en Yentob wat we allemaal misschien wel eens hebben gedaan: een fotootje maken in de automaat en daarbij vooral gekke bekken trekken. Voor 3 pond krijg je zes plaatjes, ze staan er maar half op. Iets verder vinden we een klein soort museumpje met vooral prullaria. Wat mij onmiddellijk opviel was een reeks ingelijste cartoons aan de muur: ik herkende de ‘pikante’ ansichtkaarten die vroeger langs de hele Britse kust te koop waren: de cultuur van het werkende volk. Geen hond die het nu nog in zijn hoofd haalt om zo’n kaart te kopen en op te sturen, ze worden niet eens meer gemaakt, maar hebben nu de status van ‘kunst’ gekregen. Brand en Yentob lopen de lijstjes langs. Een vrouw die bij een man op schoot zit: Don’t worry, Dear, we’ll straighten that out when we’re married. Brand zegt: zie je, een geval van failing manhood. Iets  verder een plaatje van een man die een gigantische zuurstok omhoog houdt, alsof deze uit zijn gulp afkomstig is. Tekst: A stick of Rock, Cock. Brand mompelt: Every man’s phantasy, Alan. Volgende: een sexy vrouw die tegen een schrikachtige man aanrijdt op een brede bank. If you were a doctor, I could show you something that would astonish you. Jo Brand merkt op dat dit een uitzonderlijk beeld is, een vrouw die het initiatief neemt en aanbiedt haar Auntie Mary te laten zien. Alan reageert terughoudend: ik wist niet dat meisjes in jouw tijd dat zo noemden.

Ik had al een hele tijd zulke kaarten niet meer gezien en was verrast dat ze nu blijkbaar weer ‘in’ zijn, zij het anders dan vroeger. Ik heb er ooit handenvol van gekocht, uit curiositeitoverwegingen: iconische uitingen van de Britse arbeidersklasse. Wat dikwijls wordt onderstreept is de matrifocale inslag van het familieleven: sterke vrouwen en miserabele mannetjes. Verder: het contrast tussen de ‘madonna’, de kuise vrouw die niets van seks moet hebben tegenover de ‘hoer’, de sexy stoeipoes met grote borsten en veel belangstelling voor alles dat een broek draagt. Maar ook de bijna onmenselijke ‘he-man’ met een groot geslachtsorgaan tegenover de schlemiel die op seksueel gebied niets klaarmaakt.

Ik laat hieronder wat voorbeelden zien: het thema is wel duidelijk. Size matters, zou je zeggen. Het zijn cliché’s van het zuiverste water, maar het is de vraag of de beelden vandaag de dag nog iemand aanspreken.

 


Sterke vrouw

 


Man verpletterd

 


Man jaloers, hunkerende vrouw

 


Hunkeren naar sterke man

 


Size matters, you bet…

 


Vrouwenfantasie

 


Reputatie

 


Wonderorgaan

Illustraties
alle postkaarten zijn gepubliceerd door de firma Bamforth, Holmfirth, Yorkshire )´Comic Series´
Jo Brand+ bron, thepool.com en shropshireline.com
Alan Yentob+ bron, bbc.co.uk