Aan de vooravond van de recente klimaatconferentie in Parijs sprak de Indiase premier Narendra Modi een grote menigte toe over Mahatma Gandhi als inspiratiebron. Voor alles eigenlijk, maar in het bijzonder voor klimaat en natuurbehoud. Hij zou de wereld uit Gandhis naam kenbaar maken dat de ruim 1 miljard Indiërs geen rol spelen in de zonde die tot de milieucrisis heeft geleid. Our heritage, culture, ancestors never permitted the exploitation of nature and natural resources.

Je moet maar lef hebben als vertegenwoordiger van een land met de smerigste steden en rivieren ter wereld, waar zelfs de allerlaatste tijgers nog genadeloos door stropers worden afgeslacht, waar alle natuurlijke kostbaarheden—zowel bovengronds als ondergronds—weggeroofd worden door corrupte multinationals, waar het grondwater zo vervuild is dat zelfs flesjes cola vergiftigd zijn.

Je vraagt je onwillekeurig opnieuw af hoe inheems het gedachtegoed van Gandhi nou eigenlijk was. We kennen hem als strijder tegen onrecht, propagandist van de geweldloze weerstand en burgerlijke ongehoorzaamheid, leider van de verzetsbeweging tegen het Britse koloniale rijk. Wat in India daarbij wel eens vergeten wordt, is Gandhis felle gevecht tegen de onrechtmatigheden van de traditionele Indiase samenleving zelf, met name het onmenselijke kastenstelsel. En zijn omgang met vertegenwoordigers van de andere godsdiensten—nog zo’n omstreden punt—is hem uiteindelijk fataal geworden; hij werd vermoord door een hindoefanaat die door een brandende haat tegen deze moslimvriend gedreven werd. Gandhi had al voor de Indiase onafhankelijkheid afstand genomen van de bevrijdingsbeweging. Hij zag niets in de concrete plannen voor de nieuwe staat zoals die door de Congress Party waren ontwikkeld en bemoeide zich nergens meer mee toen Pandit Nehru de onafhankelijkheid bekendmaakte en zijn eerste kabinet samenstelde.

Gandhis denken heeft niet in India vorm gekregen, maar in Zuid Afrika waar hij zich als jonge advocaat had gevestigd na zijn rechtenstudie in Londen. De Amerikaanse journalist Joseph Lelyveld, schrijver van het onvolprezen Great Soul. Mahatma Gandhi and His Struggle With India, heeft zich van alle biografen die ik ken het grondigst verdiept in die vorming. Zijn beschrijving van de vriendschap tussen Gandhi en de Duitse architect Hermann Kallenbach heeft hem tot persona non grata gemaakt onder de aanhang van Modi: hij zou gesuggereerd hebben dat beide mannen een homoseksuele relatie hadden. Inderdaad is er in Lelyvelds briljante studie zo’n soort suggestie te vinden, maar die wordt gewekt door de correspondentie tussen beide vrienden, de dagboeken van Gandhi en hun intensieve samenwerking. Niet omdat Lelyveld het uit zijn mouw schudt, zoals de wraakzuchtige hindoefanaten schijnen te menen—zoals steeds bij dit soort opwinding: fanaten lezen niet, maar laten zich opzwepen door volksmenners, al dan niet tegen betaling.

Tijdens zijn verblijf in Zuid Afrika heeft Gandhi zich ontwikkeld tot Europeaan, een echte Russische Christen in Indiase gedaante, zoals de Bengaalse goeroe Sri Aurobindo hem typeerde.  Europeaan? Russische Christen?

Ergens in het jaar 1894 kreeg Gandhi een pakje toegestuurd van zijn voormalige vriend en beschermer Edward Maitland, leider van de theosofische sekte Esoteric Christianity. De zending bevatte de gloednieuwe Engelse vertaling van Het Koninkrijk Gods zit in je van graaf Leo Tolstoj.

Enter Tolstoy, zegt Lelyveld, from the steppes. Vanaf omstreeks 1880 had de grote schrijver van Oorlog en vrede en Anna Karenina besloten geen fictie meer te schrijven, door een mystieke ervaring zou hij zich voortaan aan de religie wijden. Koninkrijk Gods is een omslachtige verhandeling over geweldloze weerbaarheid, een nieuwe leidraad voor het leven, zoals de ondertitel luidt.

En daarom achten wij het de plicht van iedereen die vindt dat oorlog onverenigbaar is met het christendom, dat hij rustig en vastbesloten moet weigeren om in het leger te dienen. En mensen, wier bestemming het is om zo te handelen, moeten bedenken dat het vervullen van een grootse plicht bij henzelf berust. Het lot van de mensheid in de wereld hangt, voor zover het eigenlijk van mensen af kan hangen, af van hun trouw aan hun religie. Zij moeten uitkomen voor hun overtuiging, en ervoor opkomen, niet alleen in woorden, maar ze moeten er zonodig ook voor lijden. Als je gelooft dat Christus moord heeft verboden, sla dan geen acht op de argumenten of bevelen van mensen die je oproepen om daaraan wel mee te doen.

De tekst slaat bij Gandhi in als een bom. Als er een beslissende invloed in zijn intellectuele ontwikkeling is aan te wijzen, zegt Lelyveld, begint het bij het uitpakken van dat pakketje uit Londen.

Tolstoj gaat te keer tegen zijn eigen achtergrond en milieu; het tsaristische Rusland en de instellingen van de Russische orthodoxe kerk berusten volgens hem op een keiharde rots van schijnheiligheid en bedrog. Meeslepend is zijn geseling van de zogenaamde broederschap die zo hoog in het vaandel staat:

We zijn allemaal broeders maar ik verdien een salaris dat wordt opgebracht door behoeftige arbeiders en dat ik kan uitgeven aan de luxe van de rijken en nietsnutten. We zijn allemaal broeders maar ik kreeg een vergoeding voor het prediken van een vals Christendom waar ik zelf niet in geloof en wat alleen bedoeld is om andere mensen te verhinderen tot het ware geloof te geraken. We zijn allemaal broeders, maar iedere ochtend moet een broeder of zuster mijn piespot legen.

Tolstoj legt de ideale gedragsregels vast in andere publicaties (Wat moet er gebeuren?): radicale afwijzing van het materialisme, eenvoudig leven, lichamelijke arbeid. De leden van de hogere standen zullen pas werkelijk verlicht zijn als ze zich er niet meer voor schamen hun eigen poep en pies op te ruimen en de wc schoon te maken.

Het dringt diep bij Gandhi binnen. Hij dwingt meteen zijn echtgenote Kasturba de piespot van een medewerker te legen, die bij hen in huis woont. De medewerker is een onaanraakbare, ‘Ba’ protesteert en huilt en wil van huis weglopen, maar Gandhi weet van geen wijken—overigens is nooit vastgesteld of ze uiteindelijk gezwicht is of dat hij het zelf heeft opgeknapt. Het hele ‘politieke’ programma dat Gandhi na zijn Zuid Afrikaanse tijd naar India mee teruggenomen heeft, komt niet voort uit de oeroude Indiase beschaving, zoals Narendra Modi graag ziet, maar uit de geest van een hysterische godsdienstmaniak uit de Russische adel. Hoe groot Tolstojs invloed was, blijkt ook uit de vestiging van een Tolstoy Farm in de buurt van Johannesburg, gesticht door Gandhi en zijn vriend Kallenbach. Een soort commune die sprekend leek op de ashrams die Gandhi later in India zou vestigen, onder andere in Ahmedabad. Hard werken in de stugge aarde en geestelijk hoogstaand onderwijs voor vrouwen en kinderen. De lichamelijke arbeid werd vooral verricht door arme koelies uit Zuid India, Gandhi zelf nam de geestelijke scholing voor zijn rekening.

Gandhi verbond het principe van de geweldloze weerbaarheid, door hem na lang delibereren satyagraha genoemd (vasthouden aan de waarheid), aan het principe van brahmacharya, een celibatair bestaan. Hij deelde dit principe nogal terloops mee aan Kasturba, blijkbaar in de veronderstelling dat het voor haar geen probleem zou vormen. Lelyveld noemt de combinatie van sathyagraha en brahmacharya eigenaardig, wat is de logica?. Dat burgerlijke gehoorzaamheid gepaard moest gaan met sexuele onthouding was lang niet voor iedereen duidelijk en Gandhi kreeg er niet veel handen voor op elkaar. The idea that civil obedience might call for chastity was Gandhi’s alone, zegt Lelyveld. Maar was dat zo?

Gandhi heeft met Tolstoj gecorrespondeerd en je vraagt je af of hij ook Tolstojs verhaal De Kreutzersonate heeft gelezen, hoewel Gandhi niet bepaald gevoelig was voor romans of korte verhalen. Tolstoj schreef de novelle een paar jaar na zijn godservaring en zijn bekering tot de ‘filosofie’. Het is een felle aanklacht tegen het huwelijk, maar kan ook worden gezien als een hartstochtelijk pleidooi voor het celibaat. Ik gun Gandhi al zijn gedachten en ik onderschrijf van harte de opvatting dat hij een ‘grote ziel’ had… en was. Maar het zou toch goed kunnen zijn dat zelfs deze veronderstelde ‘Indiase’ bijdrage uiteindelijk ook uit de Russische steppe is komen aandraven.

 

 

illustraties
Mahatma Gandhi als jonge advocaat in Zuid Afrika; bron: reddit.com
Narendra Modi; bron: dnaindia.com
Joseph Lelyveld; bron: poynter.org